Meer kwaliteit door media-allianties: journalisten en politici debatteren in De Unie over de versoaping van pers en politiek.

Door Peter de Lange

Pers en politiek hebben elkaar harder nodig dan ze zelf beseffen. Als het louter door geldgebrek komt dat de media minder aandacht hebben voor de lokale politiek zou subsidiëring van regionale nieuwscentra een oplossing kunnen zijn. In een gezonde democratie is een goed geïnformeerde burger immers van levensbelang. Maar zitten kranten en nieuwszenders wel op gesubsidieerde samenwerking te wachten? Een levendig debat op 23 februari 2010 in zaal De Unie bracht geen eenduidig antwoord hoe de versoaping van de politiek in de pers een halt toe te roepen. Wel bracht het controverses scherp aan het licht. En de mogelijkheid achter oude barrières nieuwe relaties op te bouwen.

De opkomst bij verkiezingen is laag en het vertrouwen in de politiek ook. Is dat de schuld van de pers, die de burger slecht informeert door zich in stadhuisverslagen te beperken tot sexy onderwerpen en smakelijke citaten, of ligt het aan de politici omdat die hun boodschap slecht verwoorden? Dat was de kernvraag in het door Peter Louwerse Tekst & Interactie georganiseerde debat. Ondersteund door de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur en de Nederlandse Vereniging van Journalisten brachten voormalig dagbladjournalisten Louwerse en Conny Taheij vijf panelleden bijeen om elkaars nieren te proeven. Dat leverde een informatief en soms vermakelijk schouwspel op, waarvan de zo goed als tot de nok gevulde zaal merkbaar genoot.

Onder regie van gespreksleider Peter Schuiten werd de woordenstrijd op het podium uitgevochten door een forum bestaande uit Marco Pastors (lijsttrekker Leefbaar Rotterdam) en Rik Grashoff (wethouder mediabeleid, Groen Links ) namens de politiek en Johan de Koster (hoofdredacteur RTV Rijnmond)en Bart Verkade (hoofdredacteur AD) namens de pers. Bianca Rootsaert (Nederlandse Vereniging van Journalisten) hield zich buiten het lokale gehakketak en wees erop dat niet alleen in Rotterdam kranten verdwijnen en journalisten worden ontslagen – het is op veel redacties alle hens aan dek. Otto Scholten, universitair hoofddocent communicatiewetenschap, wierp vanaf de zijlijn olie op de golven - en soms ook op het vuur. Oud-minister Plasterk wakkerde het debat aan met een videoboodschap waarin hij de vorming van regionale nieuwscentra bepleitte – een aanbeveling die ook de commissie-Brinkman al deed om verschraling van de pers tegen te gaan.

De hoofdzaak bleef niet altijd leidraad in het debat. Over en weer hebben pers en politiek in Rotterdam zoveel ongenoegens opgebouwd, dat de vier plaatselijke panelleden soms de verleiding niet konden weerstaan elkaar eens ongezouten de waarheid te zeggen. Volgens Pastors lieten het AD en Rijnmond forse steken vallen bij de opkomst van wijlen Pim Fortuyn door diens populariteit onder het kiezersvolk te negeren, een suggestie die Verkade en De Koster met klem weerspraken maar die door de zaal met instemming werd begroet.
Zijn pers en politiek inderdaad uit elkaar gegroeid en heeft de burger het nakijken? Verkade meende –als enige - dat het wel meevalt. In alle gemeenten in het AD-verspreidingsgebied wonen verslaggevers trouw de raadsvergaderingen bij. Maar de krant schrijft alleen over besluiten die de burger direct raken, zoals veiligheid en het ozb-tarief. Niet over politieke spelletjes. ‘’Daar heeft de lezer een rothekel aan.’’ Bij RTV Rijnmond daarentegen lopen volgens hoofdredacteur De Koster verslaggevers rond ,,die niet eens weten waar een bepaalde gemeente ligt.’’ Hij vindt het ‘’onverantwoord’’ dat in wereldstad Rotterdam slechts één regionaal dagblad en één lokale omroep de democratie bewaken en staat niet onwelwillend tegenover samenwerking met andere media. Omdat het nieuws dat de omroep maakt deels met overheidssubsidie wordt bekostigd, beschouwt De Koster het als publiek bezit. Voor AD, een commercieel product, ligt dat anders. De krant heeft zijn regionieuws van internet gehaald omdat allerlei nieuwssites het zonder te betalen overnamen.

Voor Pastors is kwalitatief goed nieuws, nieuws dat ‘‘niet met een zuur gezicht wordt gebracht’’. Hij leest liever feiten dan meningen en daarom zijn de gratis dagbladen voor hem een goed alternatief, ook al baseren die zich meestal op slechts één bron. Maar Pastors staat niet afwijzend tegenover verbreding van het media-aanbod, zelfs niet als dat wordt betaald met overheidsgeld. Daarmee lijkt Rik Grashoff tenminste één politieke medestander te hebben voor zijn idee geld uit de kas van de Hilversumse omroepen over te hevelen naar de regionale media en zo meer verdieping in de (politieke) verslaggeving te brengen. Alleen Verkade liet, met het oog op de onafhankelijke status van zijn krant, weten onder geen voorwaarde zijn hand op te zullen houden voor overheidsgeld. Wel ziet hij graag overheidsadvertenties in de krant verschijnen. En hij staat niet onwelwillend tegenover samenwerking met RTV Rijnmond. Beide partijen hebben al eerder gepraat over gezamenlijke nieuwsgaring. Bovendien: de omroep verwerkt ook nu al veel AD-nieuws in de uitzendingen.

Nieuwe media-allianties lijken dus mogelijk. Maar wil Plasterks opvolger een handreiking doen aan de democratie en ernst maken met de verbreding van het regionale media-aanbod, dan zal hij meer geld op tafel moeten leggen dan de 8 miljoen euro die nu beschikbaar is. Otto Scholten: ,,Dat bedrag is natuurlijk volstrekt onvoldoende, dat is op z’n best een doekje voor het bloeden.’’
Het debat werd mede mogelijk gemaakt dankzij financiële ondersteuning door het Forum voor Democratische Ontwikkeling en het Stimuleringsfonds voor de Pers.

 print

zoeken